Doorgaan naar hoofdcontent
pdf?stylesheet=default
Blackboard Help

Instellingen voor tijdelijke opslag

Beheerders kunnen een tijdelijke opslaglocatie instellen voor een documentarchief. Deze dubbele set gegevens kan als reserve worden gebruikt in geval van onherstelbare schade aan de oorspronkelijke bestanden. In zo'n geval kan de beheerder met behulp van de databaseback-up en deze tijdelijke bestanden het systeem vrijwel volledig bijwerken. De back-uplocatie kan in de database of op een externe opslaglocatie worden ingesteld. Deze locatie kan niet gelijk zijn aan de hoofdopslaglocatie.

Instellingen voor tijdelijke opslag configureren

  1. Open het configuratiescherm voor systeembeheer en klik onder Inhoudsbeheer op Technische instellingen.
  2. Klik op Documentarchieven.
  3. Klik in het contextmenu voor het documentarchief op Instellingen voor tijdelijke opslag. In de volgende tabel worden de beschikbare velden beschreven.
     
    Veld Beschrijving
    Tijdelijke opslaglocatie
    Tijdelijke Windows-opslaglocatie Voer hier het pad naar de tijdelijke opslaglocatie in.
    Instellingen voor tijdelijke opslag
    Tijdelijke opslagperiode Als u Nooit selecteert, blijven de bestanden altijd op de tijdelijke locatie staan. Als u de optie Verwijderen na x dagen kiest, worden de bestanden een bepaald aantal dagen op de tijdelijke locatie bewaard.

Verwijderde items herstellen

Als een gebruiker een item uit Content Collection verwijdert, wordt het item gedurende de geselecteerde opslagperiode op de tijdelijke opslaglocatie bewaard. Beheerders kunnen met het verwijderingscontrolespoorrapport het exacte pad naar het item op de tijdelijke opslaglocatie vinden. Zodra het item is gevonden, kan een beheerder het per e-mail naar de gebruiker verzenden.

Wanneer de ingestelde tijdsduur van de tijdelijke opslagperiode is verstreken, moeten beheerders in een databaseback-up naar het item zoeken.