Doorgaan naar hoofdcontent
pdf?stylesheet=default
Blackboard Help

Informatie over avatars

Er zijn twee sets met avatars die samen, afzonderlijk of helemaal niet kunnen worden gebruikt:

  1. Lokale avatars: deze avatars worden lokaal opgeslagen en weergegeven in Blackboard Learn.
  2. Cloudavatars: als de cloud is ingeschakeld, worden deze avatars in de cloud opgeslagen en overschrijven zij de lokale avatars.

Informatie over lokale avatars

Als u avatars inschakelt, kunnen gebruikers een afbeelding uploaden vanaf hun computer of een afbeelding selecteren in de bibliotheek van de school. In Blackboard Learn worden avatars weergegeven in Roosters, Discussieruimten, Blogs, Wiki's en Dagboeken. Daarnaast worden avatars ook weergegeven in modules voor meldingen, zoals Nieuwe items, Aandacht gevraagd, Takenlijst en Waarschuwingen.

U kunt avatars op ieder moment in- of uitschakelen. Deze instelling geldt voor het volledige Blackboard Learn-systeem.

Afbeeldingen die een gebruiker uploadt, worden niet gecontroleerd. De afbeeldingen worden op een speciale map opgeslagen en de naam van het bestand met de avatar bevat de gebruikers-ID. U kunt het avatarbestand van een gebruiker indien nodig verwijderen.

Om gebruikers alleen te laten kiezen uit een set goedgekeurde afbeeldingen, uploadt u de afbeeldingen en stelt u de locatie in op de pagina Avatar-instellingen.

Lokale avatars inschakelen

  1. Ga naar het configuratiescherm voor systeembeheer en klik onder Tools en functies op Avatars.
  2. Selecteer een van de volgende instellingen:
    • Geen systeem-avatars: avatars zijn niet toegestaan binnen Blackboard Learn.
    • Gebruiker toestaan afbeelding van avatar te uploaden: gebruikers kunnen een afbeelding uploaden vanaf hun computer.
    • Gebruiker toestaan door systeem gegenereerde avatar te kiezen: gebruikers kunnen een afbeelding selecteren uit de set die door de school wordt aangeboden.

      Als de school een set met goedgekeurde afbeeldingen aanbiedt, moet u elke afbeelding in een eigen map opslaan binnen de map voor afbeeldingen. Maak één map per gebruiker en geef de map een naam met deze syntaxis Gebruiker_[gebruikers_id]_1. Als de gebruikers_id bijvoorbeeld 245 is, geeft u de map de naam Gebruiker_245_1. Als u deze naamgevingsconventie en mapstructuur niet volgt, hebben gebruikers geen toegang tot hun afbeeldingen.

      U kunt de afbeeldingen vóór of na het inschakelen van avatars in Blackboard Learn in de map plaatsen. Gebruikers kunnen de avatars echter pas gebruiken nadat u de afbeeldingen in de juiste mappen hebt geplaatst.

  3. Als u Gebruiker toestaan door systeem gegenereerde avatar te kiezen hebt geselecteerd, typt u het pad naar de map waarin de afbeeldingen zijn opgeslagen. Gebruik het pad C:blackboardcontentvibb_bb60avatarsystem of /avatar/system/.
  4. Klik op Verzenden.

Informatie over cloudavatars

wanneer de cloud is ingeschakeld, kunnen alle gebruikers een avatar aan hun gebruikersprofiel in Mijn Blackboard toevoegen. Wanneer een avatar geüpload wordt naar een profiel, wordt het opgeslagen in de Blackboard-cloud. Er zijn geen beperkingen in grootte voor avatars die in de cloud worden opgeslagen. Afbeeldingen die een gebruiker uploadt, worden niet gecontroleerd.

Avatars van gebruikersprofielen worden weergegeven in Mijn Blackboard en in het hele Blackboard Learn-systeem. U kunt avatars niet uitschakelen wanneer de cloud is ingeschakeld. Er zijn geen uitzonderingen. Cloudavatars overschrijven de lokale avatarinstellingen en worden altijd weergegeven.

Zie De Mijn Blackboard tool en Gebruikersprofielen