Doorgaan naar hoofdcontent
pdf?stylesheet=default
Blackboard Help

Slimme weergaven gebruiken in Grade Center

Als u cijfers gaat invoeren en bekijken, krijgt u gegevens te zien van de prestaties van studenten. U kunt de voortgang van studenten op verschillende manieren bekijken door zogenaamde slimme weergaven te maken. Een slimme weergave is een weergave van Grade Center waarin alleen bepaalde gegevens zichtbaar zijn. U ziet alleen de kolommen die voldoen aan de opgegeven criteria. De weergave wordt opgeslagen voor herhaald gebruik. Wanneer Grade Center erg veel studenten en kolommen bevat, zijn slimme weergaven een uitstekend hulpmiddel om snel gegevens te vinden.

Er zijn standaard enkele slimme weergaven beschikbaar, maar u kunt ook zelf een slimme weergave maken. U kunt eenvoudig schakelen tussen de volledige weergave van Grade Center en een slimme weergave. Elke slimme weergave kan worden opgeslagen als de standaardweergave van Grade Center. U kunt deze standaardweergave op ieder moment wijzigen.

Met slimme weergaven kunt u snel informatie opvragen over:

  • Een bestaande groep
  • De prestaties van een student voor een bepaald item
  • Afzonderlijke studenten
  • De categorie en status van items
  • Aangepaste combinatie van kenmerken

studenten met lage scores helpen

U kunt een slimme weergave maken om alleen de studenten met lage scores weer te geven, zodat u deze gericht kunt helpen. Vervolgens kunt u deze studenten rechtstreeks vanuit Grade Center mailen of extra lesmateriaal of alternatieve beoordelingen geven.

beoordelingen vergelijken

U kunt een slimme weergave maken om maar twee kolommen weer te geven in het raster van Grade Center: een kolom met het berekende totaal voor toetsen en een kolom met het berekende totaal voor opdrachten. Vervolgens kunt u de twee kolommen vergelijken om te zien hoe studenten scoren voor deze verschillende typen beoordelingen.

Slimme weergaven in het configuratiescherm

In het onderdeel Grade Center van het configuratiescherm worden slimme weergaven als een ingesprongen lijst en in alfabetische volgorde weergegeven onder Volledig Grade Center. In een nieuwe cursus worden standaard de slimme weergaven Opdrachten en Toetsen aangeboden. Wanneer u op de koppeling Opdrachten klikt, wordt Grade Center geopend met alleen opdrachtkolommen. Wanneer u op Volledig Grade Center klikt, ziet u alle kolommen in het raster.

U kunt slimme weergaven markeren als favoriet, zodat ze aan de lijst worden toegevoegd en u eenvoudig tussen weergaven kunt schakelen. U kunt een slimme weergave op ieder moment verwijderen uit de lijst.

De lijst met slimme weergaven openen in Grade Center

Een nieuwe cursus heeft standaard verschillende slimme weergaven. Met elke weergave hebt u toegang tot een bepaalde set kolommen in het raster van Grade Center. Als u bijvoorbeeld de slimme weergave Toetsen kiest, bevat het raster alleen toetskolommen. Wanneer u cijfertoekenning inschakelt voor blogs, dagboeken en discussies, worden de bijbehorende cijferkolommen weergegeven wanneer u de desbetreffende slimme weergave opent. Dit zijn de slimme weergaven die standaard beschikbaar zijn:

  • Opdrachten
  • Blogs
  • Discussieruimten
  • Weergave eindcijfer: deze weergave bevat alle kolommen, dus ook de standaardkolommen Totaal en Gewogen totaal
  • Dagboeken
  • Voorbeeld van Mijn cijfers: bevat alle kolommen die zichtbaar zijn voor studenten
  • Zelfbeoordelingen en collegiale beoordelingen
  • Toetsen
  • Wiki's (als deze tool beschikbaar is en er een wiki is gemaakt)

Ga als volgt te werk om de lijst met slimme weergaven te openen.

  1. Wijs op de actiebalk van het Grade Center de optie Beheren aan om de beschikbare opties weer te geven.
  2. Klik op Slimme weergaven.
  3. De lijst met slimme weergave verschijnt op de pagina Slimme weergaven. In de kolom Type ziet u dat alle standaardweergaven van het type Systeem zijn. Als u een eigen slimme weergave maakt, wordt Aangepast weergegeven in de kolom Type.
  4. Klik op de naam van een slimme weergave om Grade Center te openen met alleen de kolommen van die weergave.

U kunt slimme weergaven van het type Systeem wel bewerken en kopiëren, maar niet verwijderen. Open het contextmenu van een slimme weergave om de beschikbare opties te zien.

Als u de kolom Titel wilt sorteren, klikt u op de kolomkop of het driehoekje. Als u veel slimme weergaven hebt, klikt u op Paginering bewerken om het aantal items per pagina aan te passen. Klik op Alles weergeven om alle items op één pagina weer te geven.

Slimme weergaven toevoegen aan de lijst met favorieten

U kunt slimme weergaven toevoegen aan de lijst met favorieten in het configuratiescherm, zodat u deze eenvoudig kunt openen.

  1. Wijs op de actiebalk van het Grade Center de optie Beheren aan om de beschikbare opties weer te geven.
  2. Klik op Slimme weergaven.
  3. Klik op de pagina Slimme weergaven op het sterpictogram ( ster ) in de kolom Toevoegen als favoriet.

    -OF-

    Schakel een of meer selectievakjes in, klik op de actiebalk op Favorieten om de beschikbare opties weer te geven en kies Toevoegen aan favorieten.

  4. In het onderdeel Grade Center van het configuratiescherm worden slimme weergaven als een ingesprongen lijst en in alfabetische volgorde weergegeven onder Volledig Grade Center.

Favoriete slimme weergaven verwijderen

Als u een slimme weergave wilt verwijderen uit het configuratiescherm, klikt u op de ster van de slimme weergave.

-OF-

Schakel een of meer selectievakjes in, klik op de actiebalk op Favorieten om de beschikbare opties weer te geven en kies Verwijderen uit favorieten.

Slimme weergaven bewerken, kopiëren of verwijderen in Grade Center

U kunt slimme weergaven van het type Systeem wel bewerken en kopiëren, maar niet verwijderen. U kunt bijvoorbeeld de slimme weergave Toetsen selecteren en het onderdeel Filterresultaten zo aanpassen dat alleen toetskolommen met de status Voltooid worden weergegeven in het raster van Grade Center. Een slimme weergave die u zelf hebt gemaakt, kunt u uiteraard ook weer wissen.

  1. Wijs op de actiebalk van het Grade Center de optie Beheren aan om de beschikbare opties weer te geven.
  2. Klik op Slimme weergaven.
  3. Open op de pagina Slimme weergaven het contextmenu van een slimme weergave.
  4. Kies Bewerken om de weergave te wijzigen. U kunt bijvoorbeeld een andere naam opgeven of andere criteria selecteren.

    -OF-

    Kies Verwijderen om een slimme weergave te verwijderen die u zelf hebt gemaakt. Als u een slimme weergave verwijdert, worden er geen gegevens verwijderd uit Grade Center.

    -OF-

    Kies Kopiëren om een kopie te maken van een bestaande slimme weergave. Een gekopieerde slimme weergave wordt op de pagina Slimme weergaven aangegeven met “Kopie van”. Kies Bewerken om de kopie te wijzigen. U kunt bijvoorbeeld een andere naam opgeven of andere criteria selecteren. U kunt alleen kopieën verwijderen die u zelf hebt gemaakt.

    Als u een slimme weergave kopieert die is toegevoegd aan de lijst met favorieten, wordt de kopie ook toegevoegd als favoriet en automatisch opgenomen in de lijst in het configuratiescherm. Klik op de ster in de kolom Toevoegen als favoriet om een weergave te verwijderen uit de lijst met favorieten.

Soorten slimme weergaven in Grade Center

U kunt vijf soorten slimme weergaven maken in Grade Center.

  • Cursusgroep: subsecties van studenten. U moet eerst cursusgroepen samenstellen voordat u deze als selectiecriteria kunt gebruiken.
  • Prestatie: de prestaties van studenten voor een bepaald onderdeel, zoals een toets.
  • Gebruiker: afzonderlijke studenten.
  • Categorie en status: gebaseerd op een categorie, gebruiker of gebruikers, en cijferstatus. U kunt bijvoorbeeld de categorie Blog selecteren, een of meer gebruikers of groepen, en een status, zoals Voltooid.
  • Aangepast: een query voor het selecteren van studenten aan de hand van verschillende kenmerken.

Slimme weergaven maken in Grade Center op basis van cursusgroepen

U kunt slimme weergaven maken die zijn gebaseerd op groepen die u in de cursus hebt gemaakt. U kunt op twee manieren cursusgroepen gebruiken om slimme weergaven te maken.

  • Studenten gebruiken de groepen om samen te werken met andere studenten en om groepsopdrachten te maken. U kunt slimme weergaven maken om de voortgang bij te houden.
  • U kunt een groep maken om de studenten te volgen die niet goed presteren in opdrachten en toetsen. U maakt de groep niet beschikbaar voor studenten en gebruikt deze alleen om bepaalde gegevens te bekijken in Grade Center.

Ga als volgt te werk om een slimme weergave te maken op basis van een of meer cursusgroepen.

  1. Wijs op de actiebalk van het Grade Center de optie Beheren aan om de beschikbare opties weer te geven.
  2. Klik op Slimme weergaven.
  3. Klik op de actiebalk van de pagina Slimme weergaven op Slimme weergave maken.
  4. Typ op de pagina Slimme weergaven maken een naam en eventueel een beschrijving voor de weergave. Deze beschrijving is bedoeld om aan te geven waarvoor de slimme weergave is bedoeld.
  5. Selecteer desgewenst Toevoegen als favoriet om de slimme weergave toe te voegen als favoriet. In het onderdeel Grade Center van het configuratiescherm worden slimme weergaven als een ingesprongen lijst en in alfabetische volgorde weergegeven onder Volledig Grade Center.
  6. Selecteer Cursusgroep bij Weergavetype.
  7. Selecteer in de vervolgkeuzelijst Voorwaarde de optie Gelijk aan of Niet gelijk aan.
  8. Selecteer de groep of groepen in het vak Waarde. Als er geen groepen zijn gedefinieerd, is het selectievakje leeg.

    Als u meerdere groepen (of items) achter elkaar wilt selecteren, houdt u Shift ingedrukt terwijl u op de eerste en de laatste groep klikt. Als u groepen wilt selecteren die niet naast elkaar staan, houdt u Ctrl ingedrukt terwijl u op de gewenste groepen klikt. Op een Mac gebruikt u de toets Command in plaats van Ctrl.

  9. Selecteer in de vervolgkeuzelijst Filterresultaten de kolommen, categorieën of cijfertoekenningsperioden die u wilt weergeven in het raster van Grade Center wanneer u de slimme weergave opent. Als u bijvoorbeeld een bepaalde groep wilt volgen, kunt u de weergave van kolommen in Grade Center beperken door de resultaten te filteren op een categorie, zoals Toetsen, of alleen de kolommen van bepaalde groepsopdrachten weergeven.
    Slimme weergave van een cursusgroep
    opties Beschrijving
    Alle kolommen Alle Grade Center-kolommen die niet verborgen zijn op de pagina Kolomordening worden weergegeven wanneer u de slimme weergave opent, ook kolommen die u hebt verborgen voor gebruikers.
    Geen (alleen gebruikersinformatie weergeven) Er worden geen cijferkolommen geselecteerd. Alleen gebruikerskolommen, zoals Achternaam, worden opgenomen in de slimme weergave. Als u bepaalde gebruikerskolommen hebt verborgen, worden deze niet opgenomen in de slimme weergave.
    Alle kolommen weergeven aan gebruikers Alle kolommen die worden weergegeven aan gebruikers en die niet zijn verborgen via de pagina Kolomordening worden weergegeven in het raster van Grade Center wanneer u de slimme weergave opent.
    Alle kolommen verborgen voor gebruikers Alle kolommen die onzichtbaar zijn voor gebruikers worden weergegeven. Deze kolommen worden in de slimme weergave aangegeven met het pictogram Kolom niet zichtbaar voor gebruikers (File:en-us/Learn/Sandbox_for_SP_12/en-us/Learn/9.1_SP_10_and_SP_11/Instructor/080_Grade_Center/014_Using_Smart_Views_in_the_Grade_Center/icon_not_visible.png) in de kolomkop. Kolommen die u hebt verborgen via de pagina Kolomordening worden niet weergegeven.
    Alleen geselecteerde kolommen Selecteer kolommen in de lijst met kolommen die verschijnt.
    Alleen geselecteerde categorieën Selecteer categorieën in de lijst met categorieën die verschijnt.
    Alleen geselecteerde cijfertoekenningsperioden Selecteer cijfertoekenningsperioden in de lijst met cijfertoekenningsperioden die verschijnt.
  10. Als het selectievakje Inclusief verborgen gegevens wordt weergegeven, kunt u dit inschakelen om verborgen kolommen weer te geven die voldoen aan het filter. Als u de slimme weergave vervolgens opent, worden ook de kolommen weergegeven die u hebt verborgen via de pagina Kolomordening.
  11. Klik op Verzenden.

De slimme weergave van de cursusgroep wordt weergegeven op de pagina Slimme weergaven. Klik op de titel van de weergave om deze te openen in het raster van Grade Center.

Als u een slimme weergave maakt, wordt Aangepast weergegeven in de kolom Type.

Slimme weergaven maken in Grade Center op basis van prestaties

U kunt slimme weergaven maken die zijn gebaseerd op de prestaties van studenten voor een bepaald item, zoals een toets.

  1. Wijs op de actiebalk van het Grade Center de optie Beheren aan om de beschikbare opties weer te geven.
  2. Klik op Slimme weergaven.
  3. Klik op de actiebalk van de pagina Slimme weergaven op Slimme weergave maken.
  4. Typ op de pagina Slimme weergaven maken een naam en eventueel een beschrijving voor de weergave. Deze beschrijving is bedoeld om aan te geven waarvoor de slimme weergave is bedoeld.
  5. Selecteer desgewenst Toevoegen als favoriet om de slimme weergave toe te voegen als favoriet. In het onderdeel Grade Center van het configuratiescherm worden slimme weergaven als een ingesprongen lijst en in alfabetische volgorde weergegeven onder Volledig Grade Center.
  6. Selecteer Prestaties bij Weergavetype.
  7. Selecteer in de vervolgkeuzelijst Gebruikerscriteria een kolom van Grade Center.
  8. Selecteer in de keuzelijst Voorwaarde een van de volgende opties:
    • Gelijk aan
    • Groter dan
    • Groter dan of gelijk aan
    • Kleiner dan
    • Kleiner dan of gelijk aan
    • Tussen
    • Status is gelijk aan
  9. Typ in het vak Waarde een of meer scores of selecteer een status, zoals Cijfer nodig of Voltooid.
  10. Selecteer in de vervolgkeuzelijst Filterresultaten de kolommen, categorieën of cijfertoekenningsperioden die u wilt weergeven in het raster van Grade Center wanneer u de slimme weergave opent. Als u bijvoorbeeld de derde toetskolom selecteert bij Gebruikerscriteria, kunt u de resultaten filteren op de eerste twee toetskolommen. Vervolgens kunt u zien of de derde toets inderdaad veel moeilijker was, zoals aangegeven door de studenten.
    Slimme weergave van het type Prestatie
    opties Beschrijving
    Alle kolommen Alle Grade Center-kolommen die niet verborgen zijn op de pagina Kolomordening worden weergegeven wanneer u de slimme weergave opent, ook kolommen die u hebt verborgen voor gebruikers.
    Geen (alleen gebruikersinformatie weergeven) Er worden geen cijferkolommen geselecteerd. Alleen gebruikerskolommen, zoals Achternaam, worden opgenomen in de slimme weergave. Als u bepaalde gebruikerskolommen hebt verborgen, worden deze niet opgenomen in de slimme weergave.
    Alle kolommen weergeven aan gebruikers Alle kolommen die worden weergegeven aan gebruikers en die niet zijn verborgen via de pagina Kolomordening worden weergegeven in het raster van Grade Center wanneer u de slimme weergave opent.
    Alle kolommen verborgen voor gebruikers Alle kolommen die onzichtbaar zijn voor gebruikers worden weergegeven. Deze kolommen worden in de slimme weergave aangegeven met het pictogram Kolom niet zichtbaar voor gebruikers (File:en-us/Learn/Sandbox_for_SP_12/en-us/Learn/9.1_SP_10_and_SP_11/Instructor/080_Grade_Center/014_Using_Smart_Views_in_the_Grade_Center/icon_not_visible.png) in de kolomkop. Kolommen die u hebt verborgen via de pagina Kolomordening worden niet weergegeven.
    Alleen geselecteerde kolommen Selecteer kolommen in de lijst met kolommen die verschijnt.
    Alleen geselecteerde categorieën Selecteer categorieën in de lijst met categorieën die verschijnt.
    Alleen geselecteerde cijfertoekenningsperioden Selecteer cijfertoekenningsperioden in de lijst met cijfertoekenningsperioden die verschijnt.

    Als u meerdere items achter elkaar wilt selecteren, houdt u Shift ingedrukt terwijl u op het eerste en de laatste item klikt. Als u items wilt selecteren die niet naast elkaar staan, houdt u Ctrl ingedrukt terwijl u op de gewenste items klikt. Op een Mac gebruikt u de toets Command in plaats van Ctrl.

  11. Als het selectievakje Inclusief verborgen gegevens wordt weergegeven, kunt u dit inschakelen om verborgen kolommen weer te geven die voldoen aan het filter. Als u de slimme weergave vervolgens opent, worden ook de kolommen weergegeven die u hebt verborgen via de pagina Kolomordening.
  12. Klik op Verzenden.

De slimme prestatieweergave wordt weergegeven op de pagina Slimme weergaven. Klik op de titel van de weergave om deze te openen in het raster van Grade Center.

Als u een slimme weergave maakt, wordt Aangepast weergegeven in de kolom Type.

Slimme weergaven maken in Grade Center op basis van gebruikers

U kunt slimme weergaven maken om alle of bepaalde cijferkolommen weer te geven voor specifieke gebruikers.

voortgang van studenten volgen

Als verschillende deelnemers aan een cursus deze volgen zonder dat ze een vereiste cursus hebben afgemaakt, kunt u een slimme weergave maken om het werk van deze studenten gedurende het semester te volgen. Aan de hand van deze gegevens kunt u dan bepalen of u in de toekomst ook nog studenten toelaat tot de cursus die niet de vereiste introductiecursus hebben afgerond.

  1. Wijs op de actiebalk van het Grade Center de optie Beheren aan om de beschikbare opties weer te geven.
  2. Klik op Slimme weergaven.
  3. Klik op de actiebalk van de pagina Slimme weergaven op Slimme weergave maken.
  4. Typ op de pagina Slimme weergaven maken een naam en eventueel een beschrijving voor de weergave. Deze beschrijving is bedoeld om aan te geven waarvoor de slimme weergave is bedoeld.
  5. Selecteer desgewenst Toevoegen als favoriet om de slimme weergave toe te voegen als favoriet. In het onderdeel Grade Center van het configuratiescherm worden slimme weergaven als een ingesprongen lijst en in alfabetische volgorde weergegeven onder Volledig Grade Center.
  6. Selecteer Gebruiker bij Weergavetype.
  7. Selecteer in de vervolgkeuzelijst Gebruikers een van de volgende opties:
    • Alle gebruikers om resultaten voor alle studenten op te nemen.
    • Geselecteerde gebruikers om individuele studenten te selecteren.

      Als u meerdere gebruikers (of items) achter elkaar wilt selecteren, houdt u Shift ingedrukt terwijl u op de eerste en de laatste gebruiker klikt. Als u gebruikers wilt selecteren die niet naast elkaar staan, houdt u Ctrl ingedrukt terwijl u op de gewenste gebruikers klikt. Op een Mac gebruikt u de toets Command in plaats van Ctrl.

  8. Selecteer in de vervolgkeuzelijst Filterresultaten de kolommen, categorieën of cijfertoekenningsperioden die u wilt weergeven in het raster van Grade Center wanneer u de slimme weergave opent. U kunt bijvoorbeeld Alle gebruikers selecteren en het aantal weergegeven kolommen in Grade Center beperken door de resultaten te filteren op een categorie, zoals Toetsen. U kunt ook een of meer toetskolommen selecteren voor weergave in het raster, zodat u de voortgang van studenten kunt vergelijken.
    Slimme weergave van gebruikers
    opties Beschrijving
    Alle kolommen Alle Grade Center-kolommen die niet verborgen zijn op de pagina Kolomordening worden weergegeven wanneer u de slimme weergave opent, ook kolommen die u hebt verborgen voor gebruikers.
    Geen (alleen gebruikersinformatie weergeven) Er worden geen cijferkolommen geselecteerd. Alleen gebruikerskolommen, zoals Achternaam, worden opgenomen in de slimme weergave. Als u bepaalde gebruikerskolommen hebt verborgen, worden deze niet opgenomen in de slimme weergave.
    Alle kolommen weergeven aan gebruikers Alle kolommen die worden weergegeven aan gebruikers en die niet zijn verborgen via de pagina Kolomordening worden weergegeven in het raster van Grade Center wanneer u de slimme weergave opent.
    Alle kolommen verborgen voor gebruikers Alle kolommen die onzichtbaar zijn voor gebruikers worden weergegeven. Deze kolommen worden in de slimme weergave aangegeven met het pictogram Kolom niet zichtbaar voor gebruikers (File:en-us/Learn/Sandbox_for_SP_12/en-us/Learn/9.1_SP_10_and_SP_11/Instructor/080_Grade_Center/014_Using_Smart_Views_in_the_Grade_Center/icon_not_visible.png) in de kolomkop. Kolommen die u hebt verborgen via de pagina Kolomordening worden niet weergegeven.
    Alleen geselecteerde kolommen Selecteer kolommen in de lijst met kolommen die verschijnt.
    Alleen geselecteerde categorieën Selecteer categorieën in de lijst met categorieën die verschijnt.
    Alleen geselecteerde cijfertoekenningsperioden Selecteer cijfertoekenningsperioden in de lijst met cijfertoekenningsperioden die verschijnt.
  9. Als het selectievakje Inclusief verborgen gegevens wordt weergegeven, kunt u dit inschakelen om verborgen kolommen weer te geven die voldoen aan het filter. Als u de slimme weergave vervolgens opent, worden ook de kolommen weergegeven die u hebt verborgen via de pagina Kolomordening.
  10. Klik op Verzenden.

De slimme gebruikersweergave wordt weergegeven op de pagina Slimme weergaven. Klik op de titel van de weergave om deze te openen in het raster van Grade Center.

Als u een slimme weergave maakt, wordt Aangepast weergegeven in de kolom Type.

Slimme weergaven maken in Grade Center op basis van categorie en status

U kunt een slimme weergave maken die alleen kolommen bevat die zijn gebaseerd op een bepaalde categorie, geselecteerde gebruikers of groepen, en een cijferstatus.

opdrachten met de status Niet geprobeerd

U kunt een slimme weergave maken om in het raster van Grade Center alleen opdrachtkolommen weer te geven met de status Niet geprobeerd. Vervolgens kunt u contact opnemen met de weergegeven studenten om deze te wijzen op de inleverdatum of om tips of adviezen te geven.

toetsen voor alle eenheden

Maak voor een bepaalde groep in de cursus een slimme weergave om in Grade Center toetskolommen voor alle eenheden weer te geven die de status Voltooid hebben. Vervolgens kunt u eenvoudig vaststellen of u nog een studiesessie moet plannen vóór de eindtoets.

Ga als volgt te werk om een slimme weergave te maken op basis van categorie en status.

  1. Wijs op de actiebalk van het Grade Center de optie Beheren aan om de beschikbare opties weer te geven.
  2. Klik op Slimme weergaven.
  3. Klik op de actiebalk van de pagina Slimme weergaven op Slimme weergave maken.
  4. Typ op de pagina Slimme weergaven maken een naam en eventueel een beschrijving voor de weergave. Deze beschrijving is bedoeld om aan te geven waarvoor de slimme weergave is bedoeld.
  5. Selecteer desgewenst Toevoegen als favoriet om de slimme weergave toe te voegen als favoriet. In het onderdeel Grade Center van het configuratiescherm worden slimme weergaven als een ingesprongen lijst en in alfabetische volgorde weergegeven onder Volledig Grade Center.
  6. Selecteer Categorie en status bij Weergavetype.
  7. Selecteer een categorie in de vervolgkeuzelijst Categorieën, zoals Opdracht of Toets. De lijst bevat ook categorieën die u zelf hebt gemaakt.
  8. Selecteer in de vervolgkeuzelijst Gebruikers een van de volgende opties:
    • Alle gebruikers om resultaten voor alle studenten op te nemen. Schakel het selectievakje Inclusief verborgen gebruikersgegevens in om de gebruikersrijen weer te geven die zijn verborgen in de volledige weergave van Grade Center.
    • Geselecteerde gebruikers om individuele studenten te selecteren.
    • Geselecteerde groepen om individuele groepen te selecteren. Als er geen groepen zijn gedefinieerd, is het selectievakje leeg.

      Als u in Windows meerdere gebruikers (of items) achter elkaar wilt selecteren, houdt u Shift ingedrukt terwijl u op de eerste en de laatste gebruiker klikt. Als u gebruikers wilt selecteren die niet naast elkaar staan, houdt u Ctrl ingedrukt terwijl u op de gewenste gebruikers klikt. Op een Mac gebruikt u de toets Command in plaats van Ctrl.

  9. Selecteer in de vervolgkeuzelijst Filterresultaten een van de volgende opties voor de cijferstatus:
    • Alle statussen
    • Voltooid
    • Handmatig bewerkt
    • uitgesloten
    • Wordt uitgevoerd
    • cijfer nodig
    • Niet geprobeerd
  10. Klik op Verzenden.

De slimme weergave op basis van categorie en status wordt toegevoegd aan de pagina Slimme weergaven. Klik op de titel van de weergave om deze te openen in het raster van Grade Center.

Als u een slimme weergave maakt, wordt Aangepast weergegeven in de kolom Type.

Aangepaste slimme weergaven in Grade Center

Met behulp van aangepaste slimme weergaven kunt u verschillende criteria combineren in één formule. Deze slimme weergaven zijn gebaseerd op complexe zoekquery's die u invoert in de formule-editor. Met behulp van dergelijke gedetailleerde slimme weergaven kunt u gegevens van Grade Center op allerlei manieren ordenen.

Informatie over de formule-editor

Wanneer u een aangepaste slimme weergave gaat maken, kunt u meerdere gebruikerscriteria gebruiken. Als u een criterium toevoegt, krijgt het criterium een nummer en wordt het toegevoegd aan het vak Formule-editor. De genummerde criteria worden gekoppeld met de operator AND. Alle toegevoegde criteria kunnen een voorwaarde bevatten, zoals Gelijk aan, Groter dan en Kleiner dan. Elke voorwaarde moet een waarde bevatten die moet worden vergeleken om vast te stellen of aan de voorwaarde wordt voldaan. Zo kunt u bijvoorbeeld scores opvragen die lager zijn dan de waarde 60 voor de voorwaarde Kleiner dan.

Nadat u de criteria hebt toegevoegd, wordt de bijbehorende formule weergegeven als een instructie: 1 AND 2 AND 3. Gebruik de functie Handmatig bewerken onder het vak Formule-editor om de formule te wijzigen en de operatoren (AND en OR) aan te passen en om via haakjes de verwerking van de formule te beïnvloeden.

 

U geeft een cursus waarin het cijfer voor het semester voornamelijk wordt bepaald door de cijfers voor de tussentijdse toets en de eindtoets. Van de 40 ingeschreven studenten hebben er 30 uw onderwerp als hoofdvak gekozen. U wilt weten hoe de andere 10 studenten hebben gepresteerd tijdens de toetsen.

U voegt deze 10 studenten toe aan 2 cursusgroepen die niet toegankelijk zijn voor studenten en die alleen worden gebruikt voor berekeningen in Grade Center:

  • Niet als hoofdvak
  • HBO-studenten die studiepunten krijgen

In de volgende tabel staan de criteria die voor deze slimme weergave worden gebruikt.

Formulewaarden
Formulewaarde Beschrijving
1 Cijfer voor tussentijdse toets is lager dan 60 (drempelwaarde voor onvoldoende).
2 Cijfer voor eindtoets is lager dan 60 (drempelwaarde voor onvoldoende).
3 Groep niet als hoofdvak: studenten die een hoofdvak hebben gekozen dat niet het onderwerp van uw cursus is of die helemaal geen hoofdvak hebben gekozen.
4 HBO-studenten: studenten die een HBO-opleiding volgen, maar uw cursus volgen. Dezer studenten krijgen studiepunten voor hun opleiding en uw cursus.

U wilt een slimme weergave maken met de studenten die voor een van de beide toetsen lager hebben gescoord dan 60 en die deel uitmaken van één van de twee groepen. Aan de hand van de resulterende gegevens kunt u vaststellen of er verschillen zijn in de slagingspercentages van de twee groepen. Als u een aangepaste slimme weergave gaat maken, stelt u de formule handmatig samen in het vak Formule-editor om deze gegevens te verzamelen.

Voor deze slimme weergave gebruikt u de volgende formule:

((1 OR 2) AND (3 OR 4))

Met de operator OR tussen 1 en 2 worden studenten weergegeven die slecht hebben gepresteerd in één van de beide toetsen. Als u de operator AND gebruikt, worden de studenten weergegeven die slecht hebben gescoord voor beide toetsen. De resultaten bevatten dan niet de studenten die maar voor één toets een score van minder dan 60 hebben gehaald.

Wanneer u deze slimme weergave opent in Grade Center, ziet u alleen de studenten die voldoen aan de criteria in de formule: studenten met een lagere score dan 60 voor de tussentijdse toets (1) of de eindtoets (2) EN die uw onderwerp niet als hoofdvak hebben gekozen (3) of HBO-studenten (4). In dit scenario worden twee toetskolommen en maximaal tien rijen (het aantal studenten in de twee groepen) weergegeven. Als bijvoorbeeld twee studenten een van de toetsen niet heeft gehaald, bevat het raster twee rijen voor gebruikers.

Aangepaste slimme weergaven maken in Grade Center met de formule-editor

U kunt slimme weergaven maken om verschillende criteria te combineren in één formule.

  1. Wijs op de actiebalk van het Grade Center de optie Beheren aan om de beschikbare opties weer te geven.
  2. Klik op Slimme weergaven.
  3. Klik op de actiebalk van de pagina Slimme weergaven op Slimme weergave maken.
  4. Typ op de pagina Slimme weergaven maken een naam en eventueel een beschrijving voor de weergave. Deze beschrijving is bedoeld om aan te geven waarvoor de slimme weergave is bedoeld.
  5. Selecteer desgewenst Toevoegen als favoriet om de slimme weergave toe te voegen als favoriet. In het onderdeel Grade Center van het configuratiescherm worden slimme weergaven als een ingesprongen lijst en in alfabetische volgorde weergegeven onder Volledig Grade Center.
  6. Selecteer Aangepast bij Weergavetype.
  7. Kies bij Criteria selecteren opties en voer waarden in.
    • Kies een optie in de vervolgkeuzelijst Gebruikerscriteria, zoals een groep, een cijferkolom of een waarde voor laatst geopend.
    • Kies een optie in de vervolgkeuzelijst Voorwaarde, zoals Gelijk aan of Kleiner dan, of selecteer Status is gelijk aan.
    • Typ in het vak Waarde een of meer scores, of selecteer een cijferstatus voor de voorwaarde.

      Opmerking:  Tijdens het selecteren van gegevens, verschijnt er een formule voor de query in het vak Formule-editor. De eerste set met criteria heeft de naam "1".

  8. Als u een tweede set met criteria wilt toevoegen, klikt u op Gebruikerscriteria toevoegen en selecteert u de gewenste opties. De tweede set met criteria heeft de naam "2". Voeg op deze manier extra criteria toe.
  9. Klik op Handmatig bewerken om de formule te wijzigen door de operatoren (AND en OR) aan te passen en haakjes in te voegen.
  10. Selecteer in de vervolgkeuzelijst Filterresultaten de kolommen, categorieën of cijfertoekenningsperioden die u wilt weergeven in het raster van Grade Center wanneer u de slimme weergave opent. U kunt bijvoorbeeld alleen de kolommen weergeven die worden gebruikt in de formule.
    Criteriagegevens
    opties Beschrijving
    Kolommen gebruikt in criteria Alleen de kolommen die zijn geselecteerd bij Criteria selecteren worden opgenomen in de slimme weergave.
    Alle kolommen Alle Grade Center-kolommen die niet verborgen zijn op de pagina Kolomordening worden weergegeven wanneer u de slimme weergave opent, ook kolommen die u hebt verborgen voor gebruikers.
    Geen (alleen gebruikersinformatie weergeven) Er worden geen cijferkolommen geselecteerd. Alleen gebruikerskolommen, zoals Achternaam, worden opgenomen in de slimme weergave. Als u bepaalde gebruikerskolommen hebt verborgen, worden deze niet opgenomen in de slimme weergave.
    Alle kolommen weergeven aan gebruikers Alle kolommen die worden weergegeven aan gebruikers en die niet zijn verborgen via de pagina Kolomordening worden weergegeven in het raster van Grade Center wanneer u de slimme weergave opent.
    Alle kolommen verborgen voor gebruikers Alle kolommen die onzichtbaar zijn voor gebruikers worden weergegeven. Deze kolommen worden in de slimme weergave aangegeven met het pictogram Kolom niet zichtbaar voor gebruikers (File:en-us/Learn/Sandbox_for_SP_12/en-us/Learn/9.1_SP_10_and_SP_11/Instructor/080_Grade_Center/014_Using_Smart_Views_in_the_Grade_Center/icon_not_visible.png) in de kolomkop. Kolommen die u hebt verborgen via de pagina Kolomordening worden niet weergegeven.
    Alleen geselecteerde kolommen Selecteer kolommen in de lijst met kolommen die verschijnt.
    Alleen geselecteerde categorieën Selecteer categorieën in de lijst met categorieën die verschijnt.
    Alleen geselecteerde cijfertoekenningsperioden Selecteer cijfertoekenningsperioden in de lijst met cijfertoekenningsperioden die verschijnt.

    Als u meerdere items achter elkaar wilt selecteren, houdt u Shift ingedrukt terwijl u op het eerste en de laatste item klikt. Als u items wilt selecteren die niet naast elkaar staan, houdt u Ctrl ingedrukt terwijl u op de gewenste items klikt. Op een Mac gebruikt u de toets Command in plaats van Ctrl.

  11. Als het selectievakje Inclusief verborgen gegevens wordt weergegeven, kunt u dit inschakelen om verborgen kolommen weer te geven die voldoen aan het filter. Als u de slimme weergave vervolgens opent, worden ook de kolommen weergegeven die u hebt verborgen via de pagina Kolomordening.
  12. Klik op Verzenden.

De aangepaste slimme weergave wordt toegevoegd aan de pagina Slimme weergaven. Klik op de titel van de weergave om deze te openen in het raster van Grade Center.

Als u een slimme weergave maakt, wordt Aangepast weergegeven in de kolom Type.

De gegevens van Grade Center filteren met een slimme weergave

U kunt de functie Filter en een geselecteerde slimme weergave gebruiken om alleen bepaalde gegevens op te nemen in het raster van Grade Center.

  1. Klik op de actiebalk van Grade Center op Filter.
  2. Wijs in het uitgevouwen veld Filter de optie Huidige weergave aan om de vervolgkeuzelijst te openen.
  3. Selecteer een slimme weergave.

    Nadat u een gefilterde weergave hebt gemaakt, kunt u deze vergrendelen en instellen als de standaardweergave. Klik op Huidige weergave als standaard instellen ( File:en-us/Learn/Sandbox_for_SP_12/en-us/Learn/9.1_SP_10_and_SP_11/Instructor/080_Grade_Center/014_Using_Smart_Views_in_the_Grade_Center/button_current_view.png ) naast de vervolgkeuzelijst Huidige weergave om de weergave te vergrendelen. U kunt op ieder moment een andere slimme weergave instellen als de standaardweergave. Klik op de X om het veld Filter te verbergen.

  4. De kolommen van de slimme weergave verschijnen in het raster.